De vos krijgt doorgaans één keer per jaar jongen, waardoor de geboorte van een nieuw nest ieder voorjaar een belangrijk moment is in de levenscyclus van de soort. In dit artikel lees je hoe een vossenwelp wordt geboren, hoe het gezinsleven in en rond het hol verloopt en wanneer jonge vossen uiteindelijk zelfstandig worden.
De paartijd: midden in de winter
Vossen planten zich voort in de winter. De paartijd valt in Nederland en omliggende gebieden vooral in januari en februari, al kan voortplantingsgedrag al in december beginnen. In deze periode zijn vossen vaak opvallender aanwezig en kunnen ’s nachts verschillende roepen en schreeuwen worden gehoord. Reuen leggen bovendien grotere afstanden af tijdens de zoektocht naar een partner.
Na een succesvolle paring duurt de dracht gemiddeld ongeveer 52 dagen, met een normale bandbreedte van ongeveer 49 tot 58 dagen. Daardoor worden de meeste welpen in onze streken in maart en april geboren, al kunnen ook eerdere of latere worpen voorkomen.
De geboorte: meestal in maart en april
Een worp bestaat meestal uit vier tot zes welpen, al kunnen kleinere en grotere worpen voorkomen. De jongen worden doorgaans geboren in een beschutte verblijfplaats. Dat kan een bestaand of uitgebreid ondergronds hol zijn, maar ook een rustige plek onder een schuur, vlonder, takkenhoop of andere beschutte constructie.
Pasgeboren welpen wegen meestal slechts enkele tientallen tot ongeveer 150 gram en hebben een donkere, grijsbruine vacht. Hun ogen en oren zijn bij de geboorte gesloten en de eerste tijd zijn ze volledig afhankelijk van hun moeder voor melk en warmte. De moervos blijft in de eerste periode veel in of vlak bij het hol en verlaat de jongen slechts kort.
De eerste weken: leven in het hol
Na ongeveer anderhalve tot twee weken gaan de ogen en oren van de welpen open. Vanaf ongeveer drie weken beginnen ze naast moedermelk ook kleine hoeveelheden vast voedsel te eten. Dat voedsel wordt door volwassen vossen naar het hol gebracht.
De reu speelt daarbij vaak een belangrijke rol. Vooral in de periode waarin de moervos veel tijd bij de jonge welpen doorbrengt, kan hij voedsel voor haar en later ook voor de jongen aanvoeren. In sociale groepen kunnen daarnaast andere volwassen vossen meehelpen, waaronder soms oudere dochters van de moervos.
Vanaf ongeveer vier tot vijf weken oud verschijnen de welpen steeds vaker bij de ingang van het hol. Aanvankelijk blijven ze dicht bij de veilige verblijfplaats, maar naarmate ze ouder worden verkennen ze een steeds groter gebied. Rond het hol spelen, rennen en stoeien ze veel met hun nestgenoten.
Van voorjaar tot zomer: spelen en leren
In mei en juni zijn jonge vossen vaak goed zichtbaar rond hun verblijfplaats. Spelen is een belangrijk onderdeel van hun ontwikkeling. Tijdens achtervolgingen, stoeipartijen en het bespringen van voorwerpen oefenen ze bewegingen die later ook bij de jacht worden gebruikt. Tegelijk leren ze omgaan met andere leden van de familiegroep en ontwikkelen ze hun motoriek en sociale vaardigheden.
De welpen krijgen al vanaf jonge leeftijd vast voedsel aangeboden en worden meestal rond een leeftijd van acht tot tien weken volledig gespeend. Daarna neemt hun zelfstandigheid snel toe. Ze gaan steeds verder van het hol en leren zelf voedsel zoeken en kleine prooien vangen. Hoewel volwassen vossen voedsel kunnen aanvoeren, ontwikkelen jonge vossen hun jachtvaardigheden vooral door ervaring, spel en zelfstandig oefenen.
Zelfstandig worden en dispersie
In de loop van de zomer worden jonge vossen steeds zelfstandiger. Rond een leeftijd van enkele maanden zijn ze grotendeels in staat zelf voedsel te vinden, maar ze kunnen nog langere tijd deel blijven uitmaken van de familiegroep. In het najaar verandert dit vaak. Een deel van de jonge vossen verlaat dan het gebied waarin ze zijn geboren en gaat op zoek naar een eigen leefgebied.
Dit vertrek uit het geboortegebied wordt dispersie genoemd. Vooral jonge reuen trekken relatief vaak weg en kunnen daarbij aanzienlijke afstanden afleggen. Jonge teven blijven gemiddeld vaker in of dicht bij het ouderlijk territorium. Sommige dochters blijven zelfs langere tijd deel uitmaken van de familiegroep en kunnen later helpen bij het grootbrengen van nieuwe welpen.
Vossenwelp gezien? Dit is vaak normaal gedrag
Zie je in het voorjaar of de zomer een jonge vos overdag buiten spelen of alleen rondlopen, dan betekent dat niet automatisch dat het dier verlaten is. Jonge vossen worden naarmate ze ouder worden steeds zelfstandiger en de volwassen dieren zijn lang niet altijd zichtbaar in de directe omgeving.
Laat een gezonde welp daarom bij voorkeur met rust en houd afstand. Alleen wanneer een dier duidelijk gewond, sterk verzwakt of in direct gevaar is, kan hulp nodig zijn. Neem in zo’n geval eerst contact op met een erkende wildopvang of dierenambulance voordat je de welp zelf oppakt of verplaatst.



